Hogeschool VIVES kreeg er begin dit schooljaar drie werkkrachten bij. Met de komst van drie hybride frees-boormachines wil het terug naar de basis om studenten de kneepjes van het verspanen te leren. Metaalvak was aanwezig op de officiële voorstelling in maart en zag dat ook de industrie blij is met de investering. “Wij hebben mensen nodig met slimme handen, die weten wat er gebeurt als je straks op die startknop drukt. En dat leer je alleen door uren te maken aan een machine”, verzekerde Ann-Sofie Denoo, zaakvoerder van Denoo Matrijzen in Zedelgem.
Ze stonden te blinken in hun vel, de drie hybride frees-boormachines van Kunzmann die sinds het begin van het academiejaar spanen maken in het Maaklab van Hogeschool VIVES. Wat deze verspaningsmachines, geleverd en geïnstalleerd door De Ridder Precisiemachines, dan zo hybride maakt? Ze combineren meerdere verspaningsmethoden in één machine. Van conventioneel frezen en boren tot programmering aan de machine en CAD/CAM-aansturing.
“We hadden al CNC-machines staan, maar we wilden meer capaciteit, zodat ook eerstejaars nu aan de machines kilometers kunnen maken”, verduidelijkt opleidingshoofd Bachelor Ontwerp- en Productietechnologie Wim Descamps de investering. Hij stipt onder meer de toegankelijkheid aan als belangrijke troef. “Zelfs met weinig ervaring zijn de studenten vrij vlot weg met de machines. Ze hebben de stap naar volledig CNC-bewerken in de latere jaren kleiner gemaakt.”

Ook voor de industrie zijn de machines een schot in de roos. Door zelf basisbewerkingen uit te voeren, ontwikkelen studenten niet alleen technische vaardigheden; ze krijgen tevens inzicht in theorievakken als wiskunde, statica, tekeninglezen en meettechnieken. Ook de regionale context speelt mee: het zuiden van West-Vlaanderen vormt het hart van de maakindustrie en machinebouw. Nauw overleg tussen de hogeschool en bedrijven en sectororganisaties uit de regio wees uit dat praktijkgerichte kennis van verspaning essentieel blijft. En daar moeten deze drie frees-boormachines mee voor helpen zorgen voor de studenten van de opleidingen ontwerp- en productietechnologie, elektromechanica en elektromechanische systemen.
“We weten dat technologie snel veroudert en dus verandert. En dat maakt het uitdagend. Daarom leren we onze technologen de juiste basisvaardigheden aan. Met een sterke basis wordt het makkelijker om nieuwe kennis toe te voegen in een continu veranderende setting en technologie. Onze studenten kunnen vanaf nu nog intensiever oefenen op nauwkeurigheid, programmering aan de machine en CAD/CAM-aansturing. Ze leren niet alleen hoe je verspaant, maar ook hoe je denkt in processen, efficiëntie en kwaliteit. Dat is de expertise die bedrijven van hen verwachten”, vertelt Veerle De Mey, directeur Biotechniek en Technology aan Hogeschool VIVES.

Denoo, die deel uitmaakt van de klankbordgroep, toonde zich tijdens de officiële voorstelling tevreden dat hogeschool VIVES de signalen uit het werkveld heeft opgepikt met deze investering. “Studenten studeren zo af met kennis, maar ook met ervaring, met voeling voor de realiteit aan de machine. Onze industrie evolueert snel. Machines worden slimmer, software krachtiger, productie complexer. Maar één ding blijft: we hebben mensen nodig die begrijpen wat er aan de machine gebeurt. Uiteindelijk zijn het de mensen die de machines laten presteren.
Investeren in praktijkgerichte technologie is daarom niet alleen zinvol voor vandaag; het is een investering in de toekomst van de maakindustrie in Vlaanderen. Want de studenten van vandaag zijn de productiespecialisten van morgen. De mensen die straks machines instellen, processen verbeteren en problemen oplossen. De vakmensen die onze industrie draaiende houden. Hoe beter ze vandaag voorbereid worden, hoe sterker onze industrie morgen zal zijn.”