In deze aflevering van de Metaalvak-podcast gaat Björn Crul in gesprek met Jan Van Overbeke, managing director van Plasma Solutions. Ze duiken diep in de wereld van plasmasnijden: van de technologische evolutie en toepassingen in de metaalindustrie tot de concurrentie met fiberlaser. Ook komen automatisering, maatwerkoplossingen en praktijkcases uit onder meer de nucleaire sector aan bod. Een helder en technisch onderbouwd gesprek voor iedereen actief in metaalbewerking en industriële snijtechnologie.
Björn Crul: Dag luisteraars, welkom bij een nieuwe podcast van Metaalvak, het platform voor de metaal- en staalverwerkende industrie. In deze aflevering gaan we het hebben over Plasma Solutions. Dat doen we met de managing director van het bedrijf en dat is Jan Van Overbeke. Dag Jan.
Jan Van Overbeke: Ja, hoi.
Björn Crul: Ik denk een logische eerste vraag is natuurlijk, wat is Plasma Solutions? Stel het bedrijf eens even voor.
Jan Van Overbeke: Plasma Solutions is een bedrijf actief in de verkoop van apparatuur voor plasma snijden. Dan heel specifiek eigenlijk alleen de plasmabronnen op zich en het toebehoren daarvan, dus de toortsen en alles wat erbij hoort. Als we dan een beetje groter kijken, Plasma Solutions bestaat ongeveer een 25-tal jaar nu. Is destijds opgericht door Dennis Boussery en Jan Gerrits. Dennis kwam vanuit de toenmalige eigenaar van Kjellberg, wat een Belgische investeerder was en werkte dus deeltijds in Duitsland en deeltijds in België.
Jan Van Overbeke: En is in die periode, dus rond 2000, zijn er wat veranderingen gebeurd en hebben ze eigenlijk in België een filiaal opgericht. Altijd als een onafhankelijk bedrijf en met het doel om de vertegenwoordiging te doen in Benelux en Frankrijk. Wij richten ons als Plasma Solutions voornamelijk op de machinebouwer en de robotintegrator, niet direct naar de eindgebruiker, dus niet naar de metaalatelier om de hoek die een plasmatafel of zo heeft staan. Wij proberen eigenlijk de apparatuur te laten integreren op de snijtafels, op de speciale machines, op de robots enzovoort.
Björn Crul: En dat is altijd zo geweest, dat jullie daarop gericht zijn als klant?
Jan Van Overbeke: Dat is eigenlijk altijd ons eerste doel als klant geweest. Wij werken ook wel met eindklanten samen, wij ondersteunen eindklanten en dergelijke, maar dat is niet onze eerstelijns klant die we eigenlijk willen hebben.
Björn Crul: Heeft het zin om dan wat namen te noemen van klanten of eigenlijk brengt dat niet uit? Zijn alle types?
Jan Van Overbeke: Eigenlijk zijn bijna iedereen die in de metaalwereld met snijden actief is in Benelux en Frankrijk, behoort eigenlijk tot onze klanten. Als we dan kijken naar robots, Valk Welding, Yaskawa. Als we naar snijtafels kijken, MicroStep, Astratech, Messer. Eigenlijk is iedereen die in de wereld daarmee actief is, zit ook wel voor een stuk bij Kjellberg en bij uitbreiding bij Plasma Solutions als klant.
Björn Crul: En dus Plasma Solutions is gericht op de Benelux markt of was dat in het begin heb je verteld? Maar op zich zijn jullie ook wereldwijd actief eigenlijk vandaag.
Jan Van Overbeke: Ja, onze primaire markt is Benelux in Frankrijk. Dat is echt ons werkingsgebied waar we eigenlijk ook ons distributiecontract met Kjellberg voor hebben. Natuurlijk, we werken met machinebouwers. Die machinebouwers exporteren. Een aantal van onze grootste klanten zijn echt op export gericht. Bijvoorbeeld HGG in Nederland. En daar is 90% export, zelfs het grootste deel buiten Europa. Zij gebruiken toortsen, aangepaste apparatuur van ons, die eigenlijk via ons geleverd worden. En zo komen we eigenlijk een beetje over, ondertussen bij uitbreiding heel Europa en eigenlijk heel de wereld, met apparatuur door ons geleverd.
Björn Crul: En als we het dan even hebben over Kjellberg, de grote tak waar jullie onder zitten, dat is ook een wereldwijd bekende naam of wat moeten we daarover weten?
Jan Van Overbeke: Ja, als je in de plasmawereld kijkt, zijn eigenlijk twee grote spelers actief. Dat is het Amerikaanse Hypertherm en dan bij ons Kjellberg als afkomstig uit Duitsland. Het verschil is dat Hypertherm ook heel actief is in de handtoestellen, in de eenvoudige toestellen die gewoon per stuk gebaseerd zijn. Dat is minder de markt van Kjellberg, maar als we op het gebied kijken van geautomatiseerd plasma, dus van de high-end systemen, dan zijn we ongeveer de nummer twee op wereldgebied. Met voor Hypertherm denk ik een 55–60% van de markt en wij ongeveer een 40% van de markt. En dan zijn er nog een aantal kleinere spelers die hier en daar wat meenemen, maar die eigenlijk in verhouding tot de twee grote weinig betekenen.
Björn Crul: En op persoonlijk vlak, als we het even zo bekijken, hoe ben je zelf terechtgekomen in die wereld van plasma?
Jan Van Overbeke: Dat is eigenlijk ook een deel toeval. Zoals vaak. Ik ben mijn carrière begonnen in de haven van Antwerpen, in de petrochemie. En ik ben dan via een familiale connectie terechtgekomen bij het toenmalige Wouters Plastechniek, wat nu Wouters Cutting & Welding is.
Jan Van Overbeke: Daar ben in 1999 gestart als technieker omdat zij begonnen met de import van toenmalig MicroStep, ook als een heel klein bedrijfje wat dat ondertussen ook een van de toonaangevende spelers is geworden op het gebied van plasmasnijden. Ik ben gestart met serie nummer twee van MicroStep op te bouwen bij een klant van Jeff Wouters en daar is eigenlijk ook mijn carrière in het plasma begonnen. Ik heb een kleine tien jaar bij Wouters gewerkt en dan heb ik de switch gemaakt naar Plasma Solutions. In 2017 hebben we dan de beslissing genomen om destijds Jan Gerrits en Dennis Boussery uit te kopen en is het eigenlijk zo dat we nu eigenaar geworden zijn van Plasma Solutions.
Björn Crul: En wat maakte destijds dat je zelf wel het gevoel had van dit is wel de wereld waar ik in wil blijven, of die heel boeiend is, dat plasma gegeven. Wanneer was je verkocht voor het verhaal?
Jan Van Overbeke: Ik had redelijk snel gezien dat dat, waar ik bij Jeff Wouters begon, dat dat wel een speciaal product was. Dat wij iets anders hadden dan wat dat op dat moment al in de markt te krijgen was. MicroStep was heel erg innovatief. Het had destijds al een Windows-sturing, gebaseerde CNC. Dat had eigenlijk bijna niemand op dat moment in 1998, 1999. Ook hoe open ze waren om nieuwe dingen te integreren in de machines, dat had ik eigenlijk direct gezien die eerste jaren al. Dat was eigenlijk echt wel interessant om mee bezig te zijn. Ja, en dat is gebleven, het interessante eraan, dat is altijd gebleven tot vandaag. Ja.
Björn Crul: Oké, en als we dan even concreet gaan over de technologie en de wereld waarin we zitten. Plasma snijden als feit, dat is iets wat al lang bestaat natuurlijk en dat mogen we zeggen, toch heel succesvol is geweest de afgelopen jaren. Wat verklaart volgens u dat succes?
Jan Van Overbeke: Brede vraag natuurlijk. Als we naar de geschiedenis gaan, in het begin was er alleen autogeen. Dat bestaat eigenlijk al heel lang als klassieke technologie en vanaf de jaren 60 is daar ook plasma bij gekomen. Plasma is bij Kjellberg begonnen midden jaren 50 en is eigenlijk in de jaren 60 gecommercialiseerd. Een beetje hetzelfde voor Hypertherm.
Jan Van Overbeke: En dat is natuurlijk heel langzaam aangelopen, maar het grote verschil met autogeen snijden waren de snelheden die mogelijk waren. Plasma snijden was duidelijk veel sneller. Ging maal vier, maal vijf in snelheid ten opzichte van autogeen. En had ook het voordeel dat er een duidelijk lager gasverbruik was. Als je dat combineert, minder verbruik, hoge snelheden, dan kom je op per meter, kost per meter een heel interessant iets. En dat is eigenlijk de basis voor het succes van het plasmaverhaal.
Jan Van Overbeke: En dan heb je natuurlijk heel de evolutie gehad. Vanaf de jaren 80 is die kwaliteit omhoog gegaan met zuurstof snijden, met twee gastoortsen. Dus twee gastoortsen wil zeggen dat je een plasmagas hebt wat dat eigenlijk zelf de snijboog vormt, met daar rond een beschermgas, wat dat eigenlijk de kwaliteit gaat verhogen. En dat is eigenlijk altijd verder en verder ontwikkeld geweest, met bij ons dan rond de eeuwwisseling, rond 2000, is de high focus gekomen. Wat eigenlijk de game changer is geweest in het plasmasnijden van Kjellberg.
Jan Van Overbeke: Ongeveer gelijktijdig had Hypertherm een high definition plasma. Dat is nog altijd een begrip, high definition snijden. In de metaalwereld bedoelt men eigenlijk meer hoogkwalitatief plasma snijden. En dat was eigenlijk niet veel meer dan het concentreren van die plasmaboog. Dus dat je eigenlijk een hogere energiedichtheid in die plasmaboog ging krijgen, waardoor dat eigenlijk de nauwkeurigheid en de strakheid van die snede verbeterde. Dus in wezen is het een verhaal van snijtechniek.
Björn Crul: En altijd het verbeteren van de technologieën waarop die snijtechniek wordt toegepast. Maar dus als we dan, want we hebben al gezegd in het begin, u bent er zelf al lang in actief. Als we even vergelijken met pakweg 20 jaar geleden, valt het überhaupt nog te vergelijken, de plasmawereld, de technologie die gebruikt wordt?
Jan Van Overbeke: Ja en nee. Eigenlijk gelden nog altijd dezelfde basisregels. Plasma blijft plasma. Natuurlijk is die evolutie heel sterk geweest. Het belang van de instellingen, het belang van de slijtdelen, van je toortskop en dergelijke is veel groter geworden. Vroeger was dat wat meer open, of wat minder noodzaak om nauwkeurig te zijn. Dat was een wat meer vergevingsgezinde technologie dan nu. De procesbeheersing is groter geworden. De mogelijkheden zijn ook veel groter geworden.
Jan Van Overbeke: Als je dan bekijkt in het begin, 20 jaar geleden, als je daar een boutgat moest snijden in 10 mm plaat, eer je echt een mooi gat had, moest je toch minstens rond de 14–15 mm zetten, om echt als een rond gat zonder te veel schuinte en dergelijke te bestempelen. Als we een plasma van vandaag nemen, dan kan je in diezelfde plaat van 10 mm probleemloos een gat van 8 mm snijden waar dat maar een paar tiendes afwijking op zitten. Dus die evolutie die is heel groot. Heeft niet alleen met plasma te maken, heeft ook te maken met de performantie van de machines. De CNC-sturingen, de motoren die de aandrijving doen, zijn natuurlijk ook veel beter geworden. Plasma snijden is en blijft altijd een combinatie van de plasma, maar ook van de machine waar die op staat. Die beweging, die timing, die hoogtes, die acceleratie, dat moet ook allemaal kloppen.
Björn Crul: Dus je kan me inbeelden dat doordat technologisch zoveel meer mogelijk wordt, dat de vraag van de klanten natuurlijk ook steeds specifieker is, dus dat dat eeuwig in evolutie, in conversatie gaat.
Jan Van Overbeke: Ja, dat is vanzelfsprekend. Dus de kwaliteit die de klant verwacht is ook merkelijk omhoog gegaan.
Björn Crul: Maar een ander punt natuurlijk, wat belangrijk is om aan te halen, is dat je natuurlijk concurrentie hebt van andere technieken. En specifiek gaat het dan vaak over laser als een concurrent, fiberlaser specifiek. Klopt dat dat inderdaad misschien wel de belangrijkste concurrent is geworden doorheen de tijd?
Jan Van Overbeke: Ja, fiberlaser is sowieso een heel stevige concurrent. Als je laser vergelijkt met plasma, moet je eigenlijk gewoon zeggen dat laser een heel performante technologie is. Het is een proces dat heel goed te beheersen is. Licht heeft geen eigen wil. Licht gaat altijd rechtdoor. Plasma is elektriciteit. En elektriciteit zoekt nu eenmaal een makkelijke weg. Dat is de eigenschap. Dus dat maakt dat laser heel goed te beheersen is. Daar kan je heel veel dingen mee.
Jan Van Overbeke: Maar toch heeft plasma ook zijn sterke kant. Plasma is heel flexibel, is heel vergevingsgezind. Voor plasma te snijden heb je veel minder invloed van je materiaalkwaliteit. Is die plaat geroest? Zit daar een lasprimer op? Zit daar walshuid op? Dat zijn allemaal parameters die bij plasma veel minder invloed hebben dan bij laser. Ik denk ook dat eigenlijk een beetje de perceptie in de markt op dit moment is dat laser echt wel toonaangevend is. Dat men een beetje vergeet wat plasma kan. Plasma bijvoorbeeld, hoewel heb je maar een 160 en 200 ampère, is eigenlijk voor heel veel metaalateliers 90% van wat ze nodig hebben. Of 95%. De meeste metaalateliers snijden platen tot 20–25 mm en kan je eigenlijk met een beperkte plasmabron of een relatief beperkte sterke plasmabron, van een heel interessante prijs, toch heel mooi werk leveren. Want zeker in dat bereik tussen de 5 en de 15 mm is ook plasma heel performant, kan je daar heel nauwkeurig, heel recht, heel zuiver mee snijden.
Björn Crul: Dus je zegt, het is ook een beetje een kwestie van perceptie. Waar ligt die perceptie? Hoe is die ontstaan, dat plasma misschien een beetje minder bekend is geraakt?
Jan Van Overbeke: Het is misschien niet minder bekend, maar het heeft denk ik wel wat een mindere naam. Of men denkt dat het een minder goede technologie is. Wat wij jammer genoeg heel veel zien in de markt, is dat je ergens bij een plasmatafel komt, waar mensen al vijf of tien jaar mee snijden, en dat je eigenlijk moet zeggen dat de kennis van het snijden bedroevend slecht is. Als je daar een paar uur werk aan besteedt met de nodige kennis en dat je zegt van verander dat, doe dit, verander die instelling, gaat het dikwijls over heel basisdingen voor ons, wat dat een wereld van verschil maakt voor de klant. Die gaan met veel minder braam snijden, die gaan een veel betere levensduur halen, veel minder nabewerking nodig hebben, dus die gaan gewoon pakken beter snijden.
Björn Crul: Is dat dan iets waar jullie ook op inzetten, die kennis, die opleidingen, om die te verspreiden? Dat lijkt me dan een manier om die perceptie net te keren.
Jan Van Overbeke: Ja, wij proberen dat zoveel mogelijk te doen bij klanten waar wij komen of als je ergens onderhoud gaat doen. En daar ga je altijd kijken van wat doet de klant, wat kan hij, wat doet hij misschien verkeerd en een beetje op het goede spoor zetten. En dus dat is wel een rode draad die terugkomt.
Björn Crul: Dat dat dan werkt, dat mensen toch wel verrast zijn en de meerwaarde voelen van wat jullie net komen bieden.
Jan Van Overbeke: Ja, dat hoort erbij. Dat is eigenlijk ook een van de takken waar wij op werken. We hebben natuurlijk de verkoop van apparatuur als vertegenwoordiger van Kjellberg. Maar we hebben ook de service, de afdeling waar wij service leveren, reparaties doen, technische opleiding geven aan de techniekers van onze klanten, maar ook aan de eindklanten of snijoptimalisaties bij de klant. En dan is er nog een tak waar we eigenlijk de specials maken, waar we aangepaste toortsen, aangepaste machines leveren, soms voor heel brede dingen. We hebben projecten in de nucleaire in Frankrijk bijvoorbeeld, waar we volledig aangepaste bronnen leveren, volledig aan hun eisen, want dat is natuurlijk iets heel anders dan dat je in een standaard metaalatelier iets wegzet.
Björn Crul: Want ik wou net vragen, zijn er concrete projecten die u recent heeft gerealiseerd, die wat illustreren, die tendens, die focus op kennis en die nieuwe aanpak?
Jan Van Overbeke: Ik denk, een heel mooie is bijvoorbeeld bij Luyckx in Hoogstraten. Daar staat een grote tafel met MicroStep met een IQ 4500 op, waar we echt wel naar heel dik snijden met hoge kwaliteit kijken, om dat ook dik met bevel en dergelijke te snijden. And dan heel dik, 50, 55, 60 tot 70 mm.
Björn Crul: Zijn er bijvoorbeeld andere, dus we hebben gezegd nucleaire sector is een wereld, dat lijkt me niet zo evident om daarin actief te zijn. Het betreft ook wel hoe breed jullie het spelen.
Jan Van Overbeke: Voornamelijk in Frankrijk hebben we op dit moment drie lopende projecten voor afbraak van kerncentrales, waar we eigenlijk telkens heel speciale dingen geleverd hebben. Eén is bijvoorbeeld de toevoerbuizen van de brandstofstaven, om die weg te snijden bij een centrale, in Bretagne. Dat zijn 40 mm dikke RVS-buizen waar dat we met de toorts binnen ingaan en van binnen naar buiten snijden. Met slechts een binnendiameter van 150 mm. Dus met een heel beperkte binnendiameter, heel dik materiaal snijden, zelfs multilaag materiaal. Daar hebben wij volledig een toorts voor ontworpen.
Jan Van Overbeke: Kjellberg zelf wou het niet doen. Ze zeiden dat kan niet. Wij hebben het wel gedaan. We hebben een toorts volledig op maat gemaakt met 3D-geprinte stukken. Ook 3D-geprinte metaaldelen en dergelijke. Dus echt op maat gemaakt, een langlopend project. Een ander ding is de Superphénix, de afbraak van de Superphénix naast Lyon, waar we ook twee snijinstallaties hebben. Dat is een ding wat eigenlijk opstart en waar we redelijk actief zijn in Frankrijk. Ook omwille van dat er heel weinig andere firma’s zijn die dingen aanpassen op maat, die echt die expertise hebben om zaken op maat te ontwikkelen op gebied van plasma.
Björn Crul: Want dat is inderdaad nog iets wat we nog niet echt zo benoemd hebben, maar eigenlijk zijn jullie een beetje een wereldwijd unicum. Er is eigenlijk niemand die werkt zoals jullie, toch op die manier.
Jan Van Overbeke: Ja, bij mijn weten zijn er eigenlijk niemand die doet wat wij doen, dus die echt plasmatoortsen op maat gaat aanpassen. En dan dat zo ver doordrijven dat dat eigenlijk een volledig redesign is van een plasmatoorts, volledig op maat van de toepassing. Voor een aantal klanten is dat standaard geworden. Die hebben een aantal jaren geleden dingen op maat aangevraagd die we dan ook gebouwd hebben en die dan eigenlijk seriematig gemaakt worden voor bepaalde klanten. Je hebt dat in honderden stuks per jaar. Maar het kan net zo goed zijn, gelijk voor die afbraak van die kerncentrales, dat dat eigenlijk gewoon enkel stuks zijn.
Björn Crul: Een dus dat lijkt me ook voornamelijk een verhaal van toeval, dat je op de juiste projecten komt.
Jan Van Overbeke: Die eerste keer dat je daarmee in contact komt, Framatome in dit geval, is zoekende naar oplossingen. Je ziet dat ergens voorbij komen en je neemt contact en dan kom je zo toch tot de juiste dingen.
Björn Crul: En als we dan even de blik op de toekomst leggen, wat zijn de belangrijkste uitdagingen waar u voor staat? Hoe willen jullie die aanpakken als bedrijf? We hebben gezegd, de concurrentie met laser is de belangrijkste trend van het moment. Hoe willen jullie die concurrentie aangaan?
Jan Van Overbeke: Dat is inderdaad de belangrijkste evolutie die wij in onze markt zien. Dat is die fiberlaser die steeds performanter wordt. Die ook een heel goede technologie is op zich. Dat is gewoon zo. Waar wij daar als plasma tegenover kunnen zetten, is denk ik onze flexibiliteit. Een plasma is heel ongevoelig voor een aantal zaken, zoals materiaalkwaliteit, wat wij eerder al gezegd hebben. Een ander belangrijk punt is, plasma is ook veel makkelijker te integreren op een robot of op een speciale machine.
Jan Van Overbeke: Als je een H-balk met een robot moet snijden, ga je natuurlijk naar alle kanten snijden. Je gaat van links naar rechts, van onder naar boven, van boven naar onder snijden. Als je dat wil doen met een laser, heb je natuurlijk afscherming nodig naar alle kanten toe. Die afscherming maken voor een zware laserstraal, voor een sterke laserstraal, is niet eenvoudig. Het moet ook heel nauwkeurig gebeuren, want bij het minste dat dat ergens door gaat komen, kan je problemen maken. Dat is bij plasma natuurlijk veel makkelijker. Plasma moet je ook afschermen, het is uv-licht, het is stof, het is vuil. Maar dat is wel veel makkelijker te doen. Een kier kan bij plasma geen kwaad, terwijl dat bij laser wel een probleem is.
Björn Crul: Het is opnieuw een beetje het verhaal van de troeven die plasma heeft beter in de markt gaan zetten.
Jan Van Overbeke: Ja, dus daar wordt meer het standaardmatige, het makkelijke, verdwijnt een beetje. De standaard snijtafel tot 20–25 mm zie je dat dat heel duidelijk naar laser opschuift. Misschien een beetje onterecht. Dat is een andere discussie. Maar wij zoeken nog meer de nichemarkt op. We kijken nog meer naar robot, we kijken nog meer naar speciale machines, we kijken nog meer naar aanpassingen. Als we dat dan opentrekken naar Kjellberg op zich en je gaat dan naar nieuwe machines kijken, dan wordt daar ook wel op gelet dat je eigenlijk een antwoord kan geven op wat de markt vraagt. Want de markt vraagt natuurlijk heel veel automatisering. Men wil zo min mogelijk met mensen werken, ook omdat de mensen schaars zijn natuurlijk. En daar proberen we ook een antwoord op te geven.
Björn Crul: En inderdaad, als we het hebben over die marktvraag in de economische context, die is natuurlijk ook een element waar we niet rond kunnen. Die is voor jullie helemaal niet zo gemakkelijk. Is dat zo?
Jan Van Overbeke: Ja, je merkt duidelijk dat je op dit moment in een economische context zit waar er minder geïnvesteerd wordt. De verkoop van nieuwe machines staat onder druk. Je merkt duidelijk dat we 20–30% verliezen ten opzichte van een paar jaar geleden. Dat was vorig jaar zo. Ik verwacht dat dit jaar eigenlijk hetzelfde. Voor ons als Plasma Solutions is het dubbel. Je zit met een moeilijke markt en je zit met de concurrentie van de fiberlaser. Dus dat werkt dubbel. Toch blijven we eigenlijk, omwille van dat je zoekt naar de ideale applicaties, zien we toch dat we het best goed blijven doen. Het is niet dat ons cijfer als Plasma Solutions naar beneden gaat. We blijven redelijk stabiel.
Björn Crul: En dat heeft te maken met de manier waarop jullie je in de markt zetten.
Jan Van Overbeke: Ja, ik denk het wel.
Björn Crul: Zijn er projecten die op de pijplijn zitten, die dat wat illustreren, die we kunnen aanhalen?
Jan Van Overbeke: Ja, concrete projecten. Bijvoorbeeld in Frankrijk hebben we nu met de nieuwste reeks bij ons, de IQ-reeks, loopt een project in een scheepswerf, Chantiers de l’Atlantique, waar toch vier nieuwe machines van dat type komen. En wat eigenlijk typisch die vraag beantwoordt van meer automatisering. Dat zijn toestellen die procesbewaking in zich integreren, die hoge kwaliteit kunnen geven, die ook een heel grote openheid naar sturing toe hebben, dus waar heel veel controle van parameters en dergelijke mogelijk is.
Jan Van Overbeke: En die een heel hoge vorm van automatisering toelaten, omwille van de procesbewaking die erin zit en omwille van de mogelijkheid van automatische kopwisseling te doen. Dat is eigenlijk echt wel iets uniek in de plasmawereld, wat met die Q- en iQ-reeks mogelijk is geworden. Dat is een beetje zoals een freesmachine zijn tool gaat wisselen met een kegel. Iets vergelijkbaar hebben wij om onze kop met slijtdelen te wisselen. Dat zijn echt wel dingen die in die automatisering een verschil kunnen maken.
Björn Crul: Dus mogen we misschien als afsluiter zeggen dat de economische context eigenlijk wel die concurrentie met de technologieën op een bepaalde manier scherpstelt, in de zin dat het ook kansen biedt voor jullie om net die troeven uit te spelen?
Jan Van Overbeke: Ja, op zich eigenlijk wel. Dat is een beetje zoals altijd, denk ik, en wat iedere ondernemer wel merkt. Je moet je aanpassen aan wat je ziet gebeuren in de markt en je moet inspelen op de vraag. En als je dat doet op een correcte manier, en je kan dat ook verwezenlijken, want het is niet om zomaar altijd te doen, als je daar een goed antwoord op kan geven, dan krijg je opnieuw kansen om dingen te doen.
Björn Crul: Maar dus het geloof dat die kansen zullen blijven komen, is er zeker en vast?
Jan Van Overbeke: Ja, ik zie de toekomst niet per se heel slecht tegemoet. We zullen misschien minder toestellen wegzetten, maar we zullen ze op een andere manier wegzetten en meer gespecialiseerd nog.
Björn Crul: Oké, dat lijkt me een mooie boodschap om af te sluiten. Nu zit het er helemaal op. Graag tot een volgende podcast en wie meer inspiratie of inzicht wil, die kan uiteraard ook terecht op de website van Metaalvak en dat is metaalvak.com.
Neem dan rechtstreeks contact op met Plasma Solutions.
Contact opnemen
"*" geeft vereiste velden aan
Sinds 2001 staat het team van Plasma Solutions in voor de verkoop van plasmasnij-installaties, van het merk Kjellberg Finsterwalde, in de Benelux en Frankrijk. Door de snelle evolutie van de plasmasnijtechnologie an sich is Kjellberg uitgegroeid van underdog naar een van de grootste spelers op wereldschaal. Met de overbekende duitse Gründlichkeit volgden nieuwe ontwikkelingen mekaar op en […]
Bekijk BedrijfsprofielSchatbeurderlaan 6
6002 ED Weert
Nederland
+31 495 450095
info@louwersmediagroep.nl
Kapellestraat 132/1
Gebouw G
8020 Oostkamp
België
+32 50 36 81 70
info@louwersmediagroep.be